Conjugate "aaneennaaien" - Dutch conjugation
"aaneennaaien" conjugation
onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
ik eennaai aanjij (je) eennaait aan
hij/zij/het eennaait aan
wij (we) eennaaien aan
jullie eennaaien aan
zij (ze) eennaaien aan
onvoltooid verleden tijd (ovt)
ik eennaaide aanjij (je) eennaaide aan
hij/zij/het eennaaide aan
wij (we) eennaaiden aan
jullie eennaaiden aan
zij (ze) eennaaiden aan
voltooid verleden tijd (vvt)
ik had aangeeennaaidjij (je) had aangeeennaaid
hij/zij/het had aangeeennaaid
wij (we) hadden aangeeennaaid
jullie hadden aangeeennaaid
zij (ze) hadden aangeeennaaid
onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
ik zal aaneennaaienjij (je) zult aaneennaaien
hij/zij/het zal aaneennaaien
wij (we) zullen aaneennaaien
jullie zullen aaneennaaien
zij (ze) zullen aaneennaaien
voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
ik zal aangeeennaaid hebbenjij (je) zult aangeeennaaid hebben
hij/zij/het zal aangeeennaaid hebben
wij (we) zullen aangeeennaaid hebben
jullie zullen aangeeennaaid hebben
zij (ze) zullen aangeeennaaid hebben
onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
ik zou aaneennaaienjij (je) zou aaneennaaien
hij/zij/het zou aaneennaaien
wij (we) zouden aaneennaaien
jullie zouden aaneennaaien
zij (ze) zouden aaneennaaien
voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
ik zou aangeeennaaid hebbenjij (je) zou aangeeennaaid hebben
hij/zij/het zou aangeeennaaid hebben
wij (we) zouden aangeeennaaid hebben
jullie zouden aangeeennaaid hebben
zij (ze) zouden aangeeennaaid hebben
gebiedende wijs
jij (je) eennaai aanjullie eennaai aan
onvoltooid deelwoord
aaneennaaiendvoltooid deelwoord
aangeeennaaidTranslations (English) for "aaneennaaien"
to sew together · to seam
Sample sentences (Dutch) for "aaneennaaien"
aaneennaaien
aaneennaaien