Summary
kruisen {verb}
to cross · to crisscross · to crossbreed · to hybridize · to cruise · to crucify
Dutch-English translation for "kruisen"
"kruisen" English translation
kruisen {verb}
Ze kruisen elkaar, maar Ronald Reagan, een telegenieke president, is in ambt.
Het was een tijd dat iemand die twee kanten kon kruisen -- het was een goede tijd.
Je kunt zien dat de lijnen elkaar kruisen wanneer de bevolking explodeert.
Maar, mijnheer de Voorzitter en geachte commissaris, deze logica's zullen zich onvermijdelijk kruisen en samensmelten.
Dan doe je de rituele dansen die de kruisen bekrachtigen.
kruisen {vb} (also: een netwerk vormen)
kruisen {vb} (also: zich kruisen)
zich kruisen
kruisen {vb} (also: hybridiseren, bastaarden voortbrengen)
Zij kunnen zich kruisen met natuurlijke variëteiten en zo kan er iets ontstaan dat bij het manipuleren van genen niet de bedoeling is...
kruisen {v.t.} (also: kruisigen)
Usage examples
Usage examples for "kruisen" in English
Similar words
kruipend · kruis · kruisband · kruisbeeld · kruisbes · kruisbestuiving · kruisbloemenfamilie · kruisboog · kruisdistel · kruiselings · kruisen · kruiser · kruisigen · kruisiging · kruising · kruisje-rondje · kruiskruid · kruisproduct · kruispunt · kruisteken · kruistocht
More in the Turkish-English dictionary.