Dutch-English translation for "kunnen"
"kunnen" English translation
kunnen {verb}
kunnen {vb} (also: vermogen, in staat zijn)
Consumenten moeten rechten hebben, maar moeten ook politiek verhaal kunnen halen.
Wij zeggen steeds dat deze grondwet op school gelezen zou moeten kunnen worden.
We hopen dat we daarover tijdens de Europese Raad goede afspraken kunnen maken.
Het is heel interessant voor ons om te kunnen kijken naar dingen zoals messteken.
Want als we willen slagen in deze grootse missie, moeten we dat allemaal kunnen.
Ik dacht dat collega Morgantini net zo zou kunnen spreken als mevrouw Napoletano.
Dat zou ik mijn boeren, de consumenten en ook de kiezers niet uit kunnen leggen.
Welk samenlevingsmodel en politiek bestel zou zonder het Handvest kunnen bestaan?
Dan zou het volk van Zimbabwe zich kunnen afvragen: ' Waar kwam dat geld vandaan?
Ik had dus een fabriekje kunnen openen en die dingen gewoon op de markt brengen.
Usage examples
Usage examples for "kunnen" in English
Similar words
kuisen · kuisheid · kuit · kukeleku · kumquat · kunde · kundig · kundigheid · kungfu · Kunlungebergte · kunnen · kunst · kunstenaar · kunstenares · kunstenmaker · kunstgalerie · kunstgebit · kunstgeschiedenis · kunstgreep · kunsthistoricus · kunstig
More in the English-Hindi dictionary.