Dutch-English translation for "oponthoud"
"oponthoud" English translation
oponthoud {noun}
oponthoud {het} (also: verlating, opschorting, verdaging, uitstel)
Ik ben bang dat het oponthoud het businessplan van Galileo ook in andere opzichten ondermijnt.
Ten tweede ondermijnt het oponthoud het verdienpotentieel.
Ten eerste zijn door het oponthoud de kosten opgelopen.
Vervolgens ontstond er verder oponthoud in het Parlement zelf, omdat wij op dat gebied ook niet volmaakt zijn.
Mijn fractie zou er dan ook vóór zijn als alleen de woorden " zonder oponthoud ", without delay, geschrapt worden.
Usage examples
Usage examples for "oponthoud" in English
Similar words
opmonteren · opname · opnemen · opneming · opnieuw · opnoemen · opoe · opofferen · opoffering · opofferingsgezind · oponthoud · opossum · oppakken · oppas · oppassen · oppassend · opper · Opper-Volta · opperarmbeen · opperen · oppergezag
More translations in the Swahili-English dictionary.