Dutch-English translation for "schip"
"schip" English translation
schip {noun}
Enkele dagen geleden is het uit Bretagne afkomstige Franse schip An Oriant vergaan.
Estland kan evenmin actie ondernemen, omdat het schip daar geen schade heeft aangericht.
Deze wijzigen enkel indien het schip op het grondgebied van een derde land zou aanleggen.
Beste vrienden, een schip strandt als men de omgeving verkeerd inschat.
Aan boord van een schip, hoe modern ook, is veiligheid allereerst een zaak van mensen.
Weet je, in 1950 vervoerde een gemiddeld schip 5.000 tot 10,:,000 ton goederen.
Een kuststaat moet kunnen optreden tegen een schip dat een bedreiging vormt.
Het schip zonk tussen Robbeneiland in het zuiden en Dasseneiland in het noorden.
Is de infrastructuur aanwezig om een schip in een droogdok te plaatsen, enzovoort?
Hij werd "geboren in 1912, het jaar dat de Titanic zonk, het mooiste schip ooit.
Europa is een opstomend schip dat niet wordt opgebouwd op angst maar op ambitie en wilskracht.
Waarom komt een vaartuig van 12 meter wel in aanmerking voor subsidies en een schip van 13 meter niet?
Ik daag elk passerend schip uit om dit schatje te missen
Sorry, maar... het is zo'n mooie boot...... schip!
De beperkingen golden uitsluitend het schip.
Usage examples
Usage examples for "schip" in English
Similar words
schilfer · schillen · schim · schimmel · schimmelen · schimmelig · schimpdicht · schimpen · schimpscheut · schimpwoord · schip · schipbreuk · Schiphol · schipper · schisma · schitteren · schitterend · schittering · schizofrenie · schmink · schminken
More translations in the bab.la English-Romanian dictionary.