English-Dutch translation for "bound"

 

"bound" Dutch translation

Results: 1-43 of 536

bound {noun}

bound {noun} (also: limit)

limiet {de}

We also believe that the length limit of 15 metres, like any other limit, is bound to be somewhat arbitrary and therefore difficult to...

Ook geloven wij dat de gekozen limiet van 15 meter lengte, net als iedere andere grenswaarde, een zekere mate van willekeur inhoudt en...

bound {noun}

landpaal {de}

bound {noun} (also: limit, frontier, boundary, border)

grens {de}

Doctors in training are in many cases exploited far beyond the bounds of acceptability and this puts human lives in danger.

Artsen in opleiding worden in vele gevallen uitgebuit tot ver over de grens van het aanvaardbare en zoiets brengt mensenlevens in gevaar.

But the US, in threatening a trade boycott, is overstepping the bounds of that clear position and the bounds of the transatlantic partnership.

De Verenigde Staten gaan echter met een handelsboycot over de grens van die duidelijke positie en over de grens van de transatlantische

Any creation of separate life for this purpose should be preceded by investigation of alternatives, and with the trade in embryos we are definitely overstepping the bounds of acceptability.

embryo's overschrijden we echt de grens van het aanvaardbare.

bound {adjective}

bound {adj.}

bestemd voor {adj.}

to bound {verb}

to bound [bounded|bounded] {vb} (also: to abridge, to restrict, to confine, to limit)

begrenzen {vb}

to bound [bounded|bounded] {vb} (also: to abut)

See we're bound by today's technology on batteries, which is about 120 miles if you want to stay within reasonable space and weight...

Zie je, we zijn gebonden door de batterijtechnologie van vandaag, die ongeveer 200 km is als je binnen redelijke grenzen wil blijven wat...

I want to stress, you know, social organization can transcend political bounds.

Ik wil benadrukken dat de sociale organisatie politieke grenzen kan overstijgen.

At the same time, however, the Commission must remain within its legal bounds.

Maar de Commissie moet tegelijkertijd haar wettelijke grenzen respecteren.

Point is: there's obviously collaboration and organization going on beyond national bounds.

Punt is dat er natuurlijk samenwerking en organisatie is over de nationale grenzen heen.

Mr President, ‘ wider still and wider shall thy bounds be set’.

Mijnheer de Voorzitter, u201Csteeds verder en verder zullen uw grenzen komen te liggenu201D.

to bind {verb}

to bind [bound|bound] {vb} (also: to plug in, to tie, to join, to agglutinate)

verbinden {vb}

to bound (Infinitive)

verbinden (infinitief)

I bound (Present)

ik verbind (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jij (je) verbindt (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

we bound (Present)

wij (we) verbinden (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jullie verbinden (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

they bound (Present)

zij (ze) verbinden (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

I bound (Simple past)

ik verbond (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jij (je) verbond (onvoltooid verleden tijd (ovt))

he/she/it bound (Simple past)

hij/zij/het verbond (onvoltooid verleden tijd (ovt))

we bound (Simple past)

wij (we) verbonden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jullie verbonden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

they bound (Simple past)

zij (ze) verbonden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Imperative)

jij (je) verbind (gebiedende wijs)

you bound (Imperative)

jullie verbind (gebiedende wijs)

bound (Past participle)

verbonden (voltooid deelwoord)

to bind [bound|bound] {vb} (also: to pool, to plug in, to tie, to connect up)

to bound (Infinitive)

aansluiten (infinitief)

I bound (Present)

ik sluit aan (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jij (je) sluit aan (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

we bound (Present)

wij (we) sluiten aan (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jullie sluiten aan (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

they bound (Present)

zij (ze) sluiten aan (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

I bound (Simple past)

ik sloot aan (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jij (je) sloot aan (onvoltooid verleden tijd (ovt))

he/she/it bound (Simple past)

hij/zij/het sloot aan (onvoltooid verleden tijd (ovt))

we bound (Simple past)

wij (we) sloten aan (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jullie sloten aan (onvoltooid verleden tijd (ovt))

they bound (Simple past)

zij (ze) sloten aan (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Imperative)

jij (je) sluit aan (gebiedende wijs)

you bound (Imperative)

jullie sluit aan (gebiedende wijs)

bound (Past participle)

aangesloten (voltooid deelwoord)

to bind [bound|bound] {vb} (also: to tie up, to tie, to fix, to connect)

vastmaken {vb}

to bind [bound|bound] {vb} (also: to tie up, to tie, to connect, to join)

to bound (Infinitive)

binden (infinitief)

I bound (Present)

ik bind (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jij (je) bindt (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

we bound (Present)

wij (we) binden (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jullie binden (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

they bound (Present)

zij (ze) binden (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

I bound (Simple past)

ik bond (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jij (je) bond (onvoltooid verleden tijd (ovt))

he/she/it bound (Simple past)

hij/zij/het bond (onvoltooid verleden tijd (ovt))

we bound (Simple past)

wij (we) bonden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jullie bonden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

they bound (Simple past)

zij (ze) bonden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Imperative)

jij (je) bind (gebiedende wijs)

you bound (Imperative)

jullie bind (gebiedende wijs)

bound (Past participle)

gebonden (voltooid deelwoord)

to bind [bound|bound] {vb} (also: to match)

to bound (Infinitive)

koppelen (infinitief)

I bound (Present)

ik koppel (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jij (je) koppelt (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

we bound (Present)

wij (we) koppelen (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jullie koppelen (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

they bound (Present)

zij (ze) koppelen (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

I bound (Simple past)

ik koppelde (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jij (je) koppelde (onvoltooid verleden tijd (ovt))

he/she/it bound (Simple past)

hij/zij/het koppelde (onvoltooid verleden tijd (ovt))

we bound (Simple past)

wij (we) koppelden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jullie koppelden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

they bound (Simple past)

zij (ze) koppelden (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Imperative)

jij (je) koppel (gebiedende wijs)

you bound (Imperative)

jullie koppel (gebiedende wijs)

bound (Past participle)

gekoppeld (voltooid deelwoord)

to bind [bound|bound] {vb} (also: to truss)

inbinden {vb}

to bind [bound|bound] {vb} (also: to moor, to tie on, to tie, to connect)

to bound (Infinitive)

vastbinden (infinitief)

I bound (Present)

ik bind vast (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jij (je) bindt vast (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

we bound (Present)

wij (we) binden vast (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

you bound (Present)

jullie binden vast (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

they bound (Present)

zij (ze) binden vast (onvoltooid tegenwoordige tijd (ott))

I bound (Simple past)

ik bond vast (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jij (je) bond vast (onvoltooid verleden tijd (ovt))

he/she/it bound (Simple past)

hij/zij/het bond vast (onvoltooid verleden tijd (ovt))

we bound (Simple past)

wij (we) bonden vast (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Simple past)

jullie bonden vast (onvoltooid verleden tijd (ovt))

they bound (Simple past)

zij (ze) bonden vast (onvoltooid verleden tijd (ovt))

you bound (Imperative)

jij (je) bind vast (gebiedende wijs)

you bound (Imperative)

jullie bind vast (gebiedende wijs)

bound (Past participle)

vastgebonden (voltooid deelwoord)
 

Synonyms

Synonyms (English) for "bound":

Synonyms (English) for "bind":

 

Usage examples

Usage examples for "bound" in Dutch

These sentences come from external sources and may not be accurate. bab.la is not responsible for their content. Read more here.

you know I'm bound

dankbaar zijn ♫

It is bound to happen.

Het kán niet anders.

you know I'm bound; ♫

dan dankbaar zijn

This was bound to be the case.

Dat kan ook niet anders.

We're culture-bound listeners.

Wij zijn cultuurgebonden luisteraars.

The quality is bound to suffer.

Dat komt de kwaliteit niet ten goede.

I am bound to remind the House of this.

Dit zou ik willen onderstrepen.

That was bound to lead to tensions.

Dat heeft altijd spanningen veroorzaakt.

Is that within the bounds of possibility?

Kunt u zich dat voorstellen?

They've bounded the city with a line.

Ze hebben de stand met een lijn begrensd.

A robot not bound by those laws could do --

Zonder die wetten is een robot...

♫ I'm bound to thank for it ♫

voor alles wat jullie hebben gedaan. ~~~ ♫

Yet again, hypocrisy is exceeding all bounds.

Weer eens viert de schijnheiligheid hoogtij.

He's otherwise completely wheelchair-bound.

Anders zou hij volledig rolstoelgebonden zijn.

You know, the bound volumes with ink on paper.

Van die ingebonden volumes met inkt op papier.

So its military budget is bound to be enormous.

Zijn militaire budget moet dus wel enorm zijn.

This is bound to result in better policy.

Ik denk dat dat zal leiden tot een beter beleid.

We are duty bound to our own principles.

Dat zijn wij aan onze eigen beginselen verplicht.

This is bound to weaken the Union sooner or later.

Dit zou de Unie vroeg of laat doen verzwakken.

Freight transport is bound to become more expensive.

Nu wordt alleen het vrachtvervoer duurder.

Similar words

Botswanan · bottle · bottles · bottom · bottomless · bough · bought · bouillon · boulder · boulevard · bound · boundary · bouquet · Bourdeaux · bourgeois · bourgeoisie · Bourgogne · boutique · Bovid · bovine · bow

More translations in the bab.la English-Romanian dictionary.