Conjugate "verwerven" - Dutch conjugation

Conjugation of have (Export PDF)

dutch"verwerven" conjugation

infinitief
dutch
  • verwerven
onvoltooid verleden tijd
dutch
  • verwierf
voltooid deelwoord
dutch
  • verworven

Aantonende wijs

onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)

ik
verwerf
jij/u (je)
verwerft
hij/zij/het
verwerft
wij (we)
verwerven
jullie
verwerven
zij (ze)
verwerven

voltooid tegenwoordige tijd (vtt)

ik
heb verworven
jij/u (je)
hebt verworven
hij/zij/het
heeft verworven
wij (we)
hebben verworven
jullie
hebben verworven
zij (ze)
hebben verworven

onvoltooid verleden tijd (ovt)

ik
verwierf
jij/u (je)
verwierf
hij/zij/het
verwierf
wij (we)
verwierven
jullie
verwierven
zij (ze)
verwierven

voltooid verleden tijd (vvt)

ik
had verworven
jij/u (je)
had verworven
hij/zij/het
had verworven
wij (we)
hadden verworven
jullie
hadden verworven
zij (ze)
hadden verworven

onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)

ik
zal verwerven
jij/u (je)
zult verwerven
hij/zij/het
zal verwerven
wij (we)
zullen verwerven
jullie
zullen verwerven
zij (ze)
zullen verwerven

voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)

ik
zal verworven hebben
jij/u (je)
zult verworven hebben
hij/zij/het
zal verworven hebben
wij (we)
zullen verworven hebben
jullie
zullen verworven hebben
zij (ze)
zullen verworven hebben

Translations (English) for "verwerven"

Find out the most frequently used verbs in Dutch.